• Zondag 14 Juli : Uit de profeet Amos 7,12-15.
    In die tijd zei Amasja (de priester van Betel) tegen Amos: ‘Ziener, verdwijn! Ga naar Juda en verdien daar je brood, ga daar maar profeteren. Hier in Betel moogt ge niet meer profeteren, want dit heiligdom is van de koning en dit gebouw van het rijk.” Amos gaf Amasja ten antwoord: “Ik ben geen profeet of lid van een profetengilde, ik ben veehoeder en vijgenkweker. Maar de Heer heeft mij achter mijn beesten weggehaald en het is de Heer die mij gezegd heeft: Trek als profeet naar mijn volk Israël. Daarom, luister naar het woord van de Heer.
  • Zondag 14 Juli : Psalmen 85(84),9ab-10.11-12.13-14.
    Aanhoren wil ik wat God ons zegt. De Heer spreekt woorden van vrede. Voor wie Hem eren is zijn hulp nabij: zijn glorie komt wonen in ons land. Trouw en waarheid omhelzen elkaar, recht en vrede begroeten elkaar met een kus. Uit de aarde bloeit de waarheid op, het recht ziet uit de hemel toe. De Heer geeft al het goede: ons land zal vruchten geven. Het recht gaat voor God uit en baant voor Hem de weg.
  • Zondag 14 Juli : Uit de brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Efeze 1,3-14.
    Broeders en zusters, gezegend is God, de Vader van onze Heer Jezus Christus, die ons in de hemelen in Christus heeft gezegend met elke geestelijke zegen. In Hem heeft Hij ons uitverkoren voor de grondleg­ging der wereld, om heilig en vlekkeloos te zijn voor zijn aangezicht. In liefde heeft Hij ons voorbestemd zijn kinderen te worden door Jezus Christus, naar het welbehagen van zijn wil, tot lof van de heerlijkheid van zijn genade. Hiermee heeft Hij ons begiftigd in de Geliefde, in wie wij de verlos­sing hebben door zijn bloed, de vergeving van de zonden, dank zij de rijkdom van zijn genade. Die heeft Hij ons meegedeeld als een overvloed van wijsheid en inzicht. Want Hij heeft ons zijn geheim raadsbesluit doen kennen, de beslis­sing die Hij in Christus had genomen. ter verwezenlij­king van de volheid der tijden: het heelal in Christus onder een hoofd te brengen, alle wezens in de hemelen en alle wezens op aarde, in Hem. In Christus hebben wij ook ons erfdeel ontvangen, daartoe voorbestemd door de beschikking van Hem die alles tot stand brengt naar het besluit van zijn wil, opdat wij verbreiden de lof van zijn heerlijkheid wij die reeds te voren onze hoop op de Christus hadden gebouwd. In Christus zijt ook gij, nadat gij het woord der waarheid, het evangelie van uw heil, hebt aanhoord, in Hem zijt ook gij tot het geloof gekomen, verzegeld met de heilige Geest der belofte, die het onderpand is van onze erfenis, tot verlos­sing van Gods eigen volk, en tot lof van zijn heerlijkheid.
  • Zondag 14 Juli : Uit het heilig Evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Marcus 6,7-13.
    In die tijd riep Jezus de twaalf bij zich en begon hen twee aan twee uit te zenden. Hij gaf hun macht over de onreine geesten en verbood hun iets anders mee te nemen voor onderweg dan alleen een stok: geen voedsel, geen reiszak, geen kopergeld in hun gordel. 'Wel moogt ge sandalen dragen, maar trekt geen dubbele kleding aan.' Hij zei verder: 'Als ge ergens een huis binnengaat, blijft daar tot ge weer afreist. En is er een plaats waar men u niet ontvangt en niet naar u luistert, gaat daar dan weg en schudt het stof van uw voeten als een getuigenis tegen hen.' Zij vertrokken om te prediken dat men zich moest bekeren. Zij dreven veel duivels uit, zalfden veel zieken met olie en genazen hen.
  • Zondag 14 Juli : H. Theresia van het kind Jezus
    Ondanks mijn kleinheid voel ik de behoefte, het verlangen om voor U, Jezus, de meest heldhaftige werken te volbrengen. Ik zou graag over de aarde reizen, uw naam verkondigen en uw glorieuze kruis planten op ontrouwe grond, maar o mijn Geliefde, een enkele zending zou voor mij niet genoeg zijn; ik zou ook graag het Evangelie verkondigen in de vijf delen van de wereld en zelfs op de meest afgelegen eilanden. Ik zou niet slechts een paar jaar missionaris willen zijn, maar ik zou er een willen zijn sinds de schepping van de wereld en er een willen zijn tot aan de voleinding der eeuwen. O mijn Jezus, welk antwoord geeft U op al mijn dwaasheden? Is er een kleinere, machtelozer ziel dan de mijne! Maar zelfs vanwege mijn zwakheid heeft het U behaagd, Heer, om mijn kleine kinderlijke verlangens te vervullen en vandaag wilt U andere verlangens vervullen die groter zijn dan het universum. (...) Liefdadigheid gaf me de sleutel tot mijn roeping. Ik begreep dat als de Kerk een lichaam had dat uit verschillende leden bestond, het niet ontbrak aan het meest noodzakelijke, het edelste van allemaal; ik begreep dat de Kerk een hart had en dat dit hart brandde van liefde. Ik begreep dat alleen de liefde de leden van de Kerk deed handelen, dat als de liefde zou uitdoven, de apostelen het evangelie niet meer zouden verkondigen, de martelaren zouden weigeren hun bloed te vergieten. Ik begreep dat de liefde alle roepingen omvatte, dat de liefde alles was, dat zij alle tijden en alle plaatsen omvatte, in één woord, dat zij eeuwig was. Toen riep ik in de overmaat van mijn uitzinnige vreugde uit: “O Jezus, mijn liefde, eindelijk heb ik mijn roeping gevonden, mijn roeping is liefde. Ja, ik heb mijn plaats gevonden in de Kerk en die plaats, o mijn God, is de Uwe. In het hart van de Kerk, mijn Moeder, zal ik liefde zijn; zo zal ik alles zijn, zo zal mijn droom in vervulling gaan”.
  • Zaterdag 13 Juli : Uit profeet Jesaja 6,1-8.
    In het sterfjaar van koning Uzzia zag ik de Heer, gezeten op een hoge en verheven troon. De sleep van zijn mantel vulde heel de tempel. Serafs stonden boven Hem opgesteld, elk met zes vleugels: twee om het gelaat te bedekken, twee om de voeten te bedekken, twee om te vliegen. Zij riepen elkaar toe: ''Heilig, heilig, heilig is de Heer van de machten; al wat de aarde vult is zijn heerlijkheid.' De deurpinnen in de dorpels schudden van het luid geroep en de tempel stond vol rook. Ik zei: ''Wee mij! Ik ben verloren! Ik ben een mens met onreine lippen, ik woon onder een volk met onreine lippen en ik heb met eigen ogen de Koning, De Heer van de machten gezien!' Maar een van de serafs vloog op mij toe met een gloeiende kool, die hij met een tang van het altaar had genomen, hij raakte er mijn mond mee aan en sprak: ''Zie, nu zij uw lippen heeft aangeraakt, is uw zonde verdwenen, en uw schuld bedekt.' Daarop hoorde ik de stem van de Heer: ''Wie zal Ik zenden, wie zal gaan in onze naam?' Ik antwoordde: ''Hier ben ik, zend mij.
  • Zaterdag 13 Juli : Psalmen 93(92),1ab.1c-2.5.
    De Heer is koning, met luister omkleed, met macht heeft de Heer zich omgord. Zo vast als de aarde, onwankelbaar, zo vast staat uw troon door de eeuwen, van eeuwigheid, God, zijt Gij! Betrouwbaar is alles wat Gij betuigt, uw huis zij heilig in lengte van dagen.

Teksten zijn ontleend aan de website "Dagelijks Evangelie, www.dagelijksevangelie.org" 

Copyright © 2024 Heilige Titus Brandsma parochie Wageningen e.o. Alle rechten voorbehouden.
Disclaimer & Webmaster